Staatssecretaris Frans Weekers (Financiën) zegt begrip te hebben voor de oproep van de Aannemersfederatie Nederland (AFNL), maar hij benadrukt dat er geen geld is om ook na 1 oktober het btw-tarief op 6 procent te houden.
Het kabinet verlaagde het btw-tarief per oktober vorig jaar om de bouw in zware economische tijden te steunen. Aanvankelijk zou het tarief dit jaar per 1 juli weer naar 19 procent gaan. Later werd dat 1 oktober, mits de werkzaamheden voor 1 juli waren begonnen.
Beroep
De bouwbedrijven vrezen een forse daling van hun omzet als het tarief weer 19 procent wordt. Donderdag deden ze opnieuw een dringend beroep op Weekers. Ook de ChristenUnie pleitte opnieuw voor verlenging van het lage tarief.
Nu hebben veel bedrijven volop werk, aldus de koepel van middelgrote en kleine bouwbedrijven. Maar voor na 1 oktober hebben zij nauwelijks werk in portefeuille, blijkt uit een inventarisatie van de AFNL. Bedrijven die grotendeels op de particuliere markt zijn aangewezen, vrezen een omzetdaling van enkele tientallen procenten. Dan zullen zij ook hun personeelsbestand moeten inkrimpen.
Middelen
Maar het ontbreekt Weekers aan financiële middelen. Hij wijst erop dat de maatregel, onderdeel van het crisispakket van het kabinet, al langer is doorgelopen dan de bedoeling was.
Volgens een meting van het Economisch Instituut voor de Bouw van juli hadden bouwbedrijven toen nog voor 6,2 maanden werk in hun orderportefeuille. Aan die meting werkten 400 hoofdaannemersbedrijven met meer dan tien personeelsleden mee. De werkvoorraad in de woning- en utiliteitsbouw schommelt volgens het instituut al sinds begin dit jaar op hetzelfde niveau.
Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl